“De aanval is de beste verdediging?”

Ik zie een man met zijn hond op een vluchtheuvel wachten om over te steken. Ik rijd op grote afstand en zie de hond plat op zijn buik staren naar mijn auto. Toen ik voorbij reed vloog hij overeind, blafte en viel uit naar mijn auto; gelukkig had de eigenaar hem goed vast en schoot zijn halsband niet los. Gevaarlijk? Zeker! Maar ook niet fijn voor de hond. Hij doet dit namelijk niet zomaar, het komt vaak voort uit een onprettig gevoel bij de hond. Het begint vaak al op jonge leeftijd dat een hond met subtiele signalen laat zien dat hij onzeker is over iets dat beweegt of op hem afkomt, bijv. een hardloper, fietser, auto, andere hond, of kliko, koffer met wieltjes, kinderstep etc. Deze signalen worden steeds heftiger als je hier niet goed op reageert, wat resulteert in heftiger gedrag, zoals blaffen, achterna jagen (het weg willen jagen), uitvallen etc.

Waarom doet een hond dit – is het gewoon het ‘najaag instinct’? Of een kwestie van ‘De aanval is de beste verdediging’ omdat het hem onzeker maakt?

Lichaamstaal van je hond – hoe herken je onzekerheid?

Wanneer ik met cursisten praat over herkennen van onzekerheid hoor ik: Staart laag / oren in de nek / op de rug liggen. Maar weet je dat een hond ook onzeker is als de houding van staart en oren normaal of hoog zijn en je één of meerdere van de volgende signalen ziet:

  • Wegkijken -> kop afwenden, vaak zie je daarbij wat oogwit
  • Bek aflikken -> de eigen bek
  • Tongelen -> snel in en uit de bek bewegen van de tong over de neus
  • Zichzelf Uitschudden / Krabben / Likken
  • Pootheffen -> het optillen van 1 voorpoot
  • Met de rug ergens naartoe gedraaid gaan zitten
  • En ook: Hijgen/Gaan Snuffelen/Niezen/Piepen/Gapen

Door het herkennen van deze signalen, ook wel Kalmeringssignalen genoemd, zie je dat je hond onzeker is in bepaalde situaties. Dit kan verschillende redenen hebben, misschien is hij ooit geschrokken van een voorbij razende auto of brommer. Of woon je in een drukke omgeving met veel verkeer en is je jonge hond daar nog niet genoeg aan gewend. Niets doen kan het gedrag veroorzaken of erger maken, omdat je hond onzeker blijft in zulke situaties. Dus het is belangrijk íets te doen.

Daarnaast ervaart je hond in zijn ogen waarschijnlijk ‘succes’ met zijn gedrag. Hij jaagt namelijk hetgeen dat hij eng vindt, weg (dat die auto of hardloper toch al voorbij zou lopen realiseert je hond zich niet). En gedrag wat een positief gevolg heeft (die “enge auto” gaat weg) zal er toe leiden dat een hond er al eerder voor kiest om de volgende keer weer zo te reageren.

Soms kunnen er andere oorzaken zijn voor dit gedrag, maar hoe dan ook: je wilt het niet want het is potentieel gevaarlijk en een normale wandeling wordt dan steeds stressvoller. Kortom – tijd voor verandering:

Wat kun je doen als je hond onrustig gedrag laat zien bij het naderen van een hardloper, fietser, auto, andere hond, enz.?

Inschatten situaties: Een volgende keer kijk je goed naar je hond en naar je omgeving zodat je je hond niet weer in dezelfde situatie brengt. Hou voldoende afstand van de situatie zodat je hond geen vervelend gedrag of de genoemde kalmerende signalen laat zien. Op deze afstand went je hond aan de situatie zodat hij zich rustiger voelt. Hij wordt op die manier zelfverzekerder en zo kun je het vervelende gedrag in de toekomst voorkomen. Dit heeft wel wat herhaling nodig om er echt aan te kunnen wennen.

Afstand nemen: wanneer je hond te gespannen is luistert hij vaak niet meer naar je en is ook niet meer af te leiden. Kom je toch onverwacht in een moeilijke situatie voor je hond? Neem dan zo snel mogelijk afstand, wees assertief in je handelen maar doe zelf niet gestrest. Op voldoende afstand zal je hond zich rustiger voelen en kun je hem afleiden.

De meneer met de hond op de vluchtheuvel had er beter aan gedaan om aan het begin van de weg op ruime afstand van de stoeprand te wachten tot hij beide weghelften in een keer kon oversteken. Of 50 meter verderop oversteken waar een zebrapad en stoplichten zijn.

Waarom is dit zo belangrijk en werkt straffen niet?

Natuurlijk zijn er situaties die je zelf écht niet kunt voorkomen, als een loslopende hond bijvoorbeeld ineens op jouw aangelijnde hond afkomt. Maar vaak zijn situaties makkelijker uit te weg te gaan dan je denkt, door bijvoorbeeld;

  • een andere route te nemen
  • op rustigere tijden te wandelen
  • even stil staan onderweg tot de situatie weer veilig en rustig is voor je hond
  • lekker beloningsvoer of favoriet speeltje meenemen om je hond mee af te leiden

Ga in ieder geval je hond er niet voor straffen. Hij vertoont dit gedrag omdat hij onzeker is en kiest voor ‘de aanval is de beste verdediging’. Ga je hem straffen? Dan gaat de onzekerheid niet weg, én je hond wordt nog meer gespannen en onzekerder. Hij kan door het straffen de situaties nog moeilijker gaan vinden in de toekomst, waardoor het zelfs averechts werkt. En hij verliest daarmee mogelijk ook het vertrouwen in jou, terwijl het veel fijner is voor beiden dat je hond jou vertrouwt en weet dat jij zorgt voor een veilige en ontspannen wandeling.

NB: Is het vervelende gedrag al heel heftig, of al lang aanwezig bij je hond? Het kan dan zijn dat bovenstaande niet genoeg is om het gedrag te verbeteren. Dan biedt een Gedragstherapie traject uitkomst, waarbij we gericht een individueel stappenplan maken hoe je het gedrag kunt voorkomen én je hond zelfverzekerder kunt laten worden zodat hij leert rustig hiermee om te gaan in deze situaties. Neem hiervoor contact op met ons – Desiree Lievens en de andere  Gedragstherapeuten uit ons team helpen je graag verder.

 

Coole tips voor warme dagen

Een paar tips om je hond het hoofd koel te laten houden:

  • Ga vroeg in de ochtend een lekkere wandeling maken als de temperatuur nog aangenaam is, zo krijgt hij toch nog een beetje zijn lichaamsbeweging. De rest van de dag alleen als het echt nodig is totdat de avond valt en er verkoeling komt ga dan weer lekker een stukje lopen. Denk er wel aan dat het asfalt s’ middags en s’ avonds nog heet kan zijn van de zon, hun voetzooltjes zijn zo verbrand.
  • Zorg voor vers water de hele dag. Gewoon kraanwater, NIET extra koud water geven hiermee ga je zorgen dat de organen harder moeten werken om de plotselinge kou in de buik warm te krijgen en dus extra warmte creëren.
  • Zorg voor schaduw plekken, laat hem niet in de zon liggen. Honden zijn echte zonneaanbidders dus we moeten ze daarbij echt in bescherming nemen. Het fabeltje “hij doet het toch zelf, dus het zal wel goed zijn” geldt echt niet!
  • Op het heetst van de dag, vanaf de middag tot de vroege avond, laat ze dan liever in huis liggen. Leg cool packs gewikkeld in een handdoek op zijn lig plek voor extra verkoeling.
  • Ga niet fietsen, apporteren of andere intensieve oefeningen/bewegingen doen met je hond. Autoritjes ook zo veel mogelijk vermijden en laat hem al helemaal niet achter in de auto, ook niet voor eventjes.
  • Spray met een plantenspuit de buik van de hond regelmatig lekker vochtig.
  • Als je hond er de energie voor heeft: Doe een rustig spelletje die de hond mentaal bezighoudt en hem lekker afkoelt, hier enkele voorbeelden:
    • Een Hondenijsje

Een Kong speeltje vullen en dat bevriezen, hierdoor krijgt je een hond een ijsje waar ze lang mee bezig zijn en doordat de tong goed gekoeld wordt hiermee. Zo koelt je hond lekker af. Je kan bijv. brokjes in water een beetje laten wellen of wat blikvlees nemen en dit in het Kong speeltje doen om te bevriezen. Of je vult een bakje ermee en laat dat bevriezen. Let in dat geval wel op dat de hond niet de mogelijkheid krijgt om op het ijs te gaan kauwen, want dan zou hij te snel en te koud ijs in zijn buik krijgen waardoor je een tegengesteld effect krijgt en je hond het juist wármer krijgt. En als je de Kong uit de vriezer haalt: spoel die eerst even af, anders kan de tong van je hond aan de buitenkant er aan vast blijven plakken. Voor recepten wat je in de Kong kunt doen: https://hondenacademie.nl/kong/

  • Snorkelen voor de hond
    • Pak enkele plastic bakjes, een grote bak waar de hond in kan staan (klein zwembadje of een deksel van een zandbak etc.), wat brokjes en water.
    • Zet de grote bak in de schaduw en doe er een klein laagje water in, begin met 1-2 cm, dit kan je steeds meer maken als je hond bedreven wordt hierin.
    • Neem nu de plastic bakjes en zet die naast de grote bak met water. Doe daar 1-2 brokjes in en je hond mag die op commando komen opeten.
    • Daarna laat je de hond even zitten en zet je de plastic bakjes op het water zodat die gaan drijven, doordat er nog weinig water in de grote bak zit zullen de bakjes nog stabiel zijn.
    • Zet je de bakjes al wat meer in het midden van de grote bak, dan moet je hond al met zijn poten in het lekker frisse water staan. Honden koelen mede af door hun voetzolen dus daar wordt hij al lekker fris van. Let erop dat je hond het leuk blijft vinden, maak het niet te moeilijk.
    • Vul daarna de bakjes weer en laat 1-2 brokjes in het water vallen en bekijk of hij deze gaat “op duiken”. Gaat dat ook goed dan kun je meer water in de grote bak doen en zo verder opbouwen.
    • Zorg wel dat de hond in de schaduw blijft, en je met veel rust opbouwt, de hond altijd pas op aanwijzing van jou laten beginnen van het oppeuzelen van de brokjes en doe dit niet te lang achter elkaar.

Natuurlijk zijn er nog veel meer dingen te bedenken, maar hierbij hebben jullie wat ideetjes om de komende dagen mee aan de slag te kunnen.

Have fun while keeping it cool!